Clin.ge
🧭

Clinge Ontdekken

Klaar voor een interactieve wandeling door de geschiedenis en parels van ons dorp?

Hoe het werkt:
  • Swipe (of gebruik het menu onderaan) om te navigeren.
  • Klik op het 🔊 icoontje om verhalen te beluisteren.
  • Klik op foto's om ze schermvullend te bekijken.

De Kerk

De Heilige Henricuskerk: Een baken aan de grens

Wie door de ‘s-Gravenstraat wandelt, kan niet om de imposante Heilige Henricuskerk heen. Met haar karakteristieke achtkante spits die hoog boven de daken van Clinge uittorent, is de kerk al sinds 1876 een herkenningspunt voor zowel bewoners als grensgangers. Maar wist u dat de bouw van deze kerk alles te maken heeft met de onafhankelijkheid van België?

Een kerk uit scheidingsdrang
Vroeger vormden het Nederlandse Clinge en het Belgische De Klinge één gemeenschap. Na de Belgische Revolutie in 1830 werd de grens definitief getrokken en raakten de dorpen gescheiden. De bewoners van Clinge moesten echter nog decennia de grens over om in De Klinge naar de kerk te gaan.

In 1875 was de maat vol: Clinge kreeg zijn eigen parochie en een jaar later stond dit trotse neoromaanse bouwwerk er, ontworpen door de bekende architect P. Soffers.

Wist u dat?
In de jaren ’20 en ’30 was de kerk een populair bedevaartsoord voor de Heilige Bernardus, de ‘schutspatroon voor kwalen en ellenden’. Pelgrims kwamen van heinde en verre en brachten brood en zout mee om in de kerk te laten wijden. Achter in de kerk was destijds zelfs een speciaal winkeltje waar men gewijde kaarsen en medailles kon kopen.

Historische schatten
Als wandelaar loont het om even stil te staan bij de details. Let bijvoorbeeld op de voorgebouwde toren met zijn bijzondere overgang van vierkant naar achtkant. Binnenin herbergt de kerk een uniek orgel uit 1763, dat zelfs ouder is dan het kerkgebouw zelf!

Hoewel de kerk in 2014 officieel in status is verlaagd tot kapel, blijft het een beschermd rijksmonument dat de bewogen geschiedenis van dit grensdorp levend houdt.

Wat je als wandelaar nog meer kunt zien:

  • De Pastorie (1875): Direct naast de kerk, eveneens een rijksmonument.
  • Engelse Landschapstuin: Achter de pastorietuin liggen de restanten van een tuin uit de eerste helft van de 19e eeuw.
  • Baarhuisje: Op de begraafplaats vindt u nog een authentiek baarhuisje uit de bouwtijd van de kerk.
Volgende punt: Loop met je rug naar de kerk de Kerstraat in richting de grens.

Kijkuit

Het ‘PZEM-kotje’ aan de Kijkuit

Wie hier door het buurtschap Zeegat wandelt, valt ongetwijfeld het oog op een bijzonder gebouwtje langs de weg. Het lijkt met zijn statige bakstenen muren misschien op een piepklein kasteeltje of een oud kapelletje, maar dit is puur en onvervalst Zeeuws industrieel erfgoed. U staat hier voor het transformatorstation ‘Zeegat’, in de volksmond beter bekend als een PZEM-kotje.

Licht in de polder
In 1922 besloot de Provinciale Zeeuwsche Electriciteits-Maatschappij (PZEM) dat het elektriciteitsnet moest worden uitgerold naar de uitgestrekte polders van Zeeuws-Vlaanderen. De komst van stroom was een magisch moment in die tijd, en de gebouwtjes die dit mogelijk maakten mochten dan ook gezien worden. De bekende architect Abel Antoon Kok werd ingehuurd voor het ontwerp. Hij tekende geen saaie, grijze betonnen kasten, maar robuuste torentjes met prachtig siermetselwerk die sterk doen denken aan Romaanse kerkjes.

Een zeldzame hoogtoren
Dit specifieke gebouwtje is een zogenoemd ‘hoogtorenstation’. Oorspronkelijk bestond het alleen uit het opvallend hoge torengedeelte; het lagere gedeelte ernaast is er later tegenaan gebouwd om ruimte te maken voor nieuwe laagspanningsapparatuur. Vroeger stonden er veel van dit soort elektriciteitshuisjes in de provincie, maar tegenwoordig zijn ze extreem zeldzaam. Van dit specifieke type hoogtoren resteren er in heel Zeeland nog maar twee! Eentje staat er in Groede, en de ander bewondert u nu hier in Clinge.

Nog altijd springlevend
Wat dit monument extra bijzonder maakt, is dat het geen stille getuige uit het verleden is. Als u even stilstaat en goed luistert, hoort u misschien een zacht, monotoon gezoem. In tegenstelling tot veel andere historische torentjes is dit station na meer dan honderd jaar nog stééds operationeel.
Volgende punt: Steek de straat over richting Blomweg

‘Den John’

Het eiland van ‘Den John’

Wanneer u langs de Krieketputdreef wandelt, tussen de dorpen Clinge en Nieuw-Namen, passeert
u een reeks verstilde wateren die we in Zeeland ‘welen’ noemen. Deze plassen zijn vaak ontstaan
door oude dijkdoorbraken, maar deze specifieke plek herbergt een bijzonder menselijk verhaal. In
één van deze welen ligt namelijk een klein, verscholen eilandje met een unieke geschiedenis.

De kluizenaar van de welen
Dit was het domein van John Lagay, in de volksmond beter bekend als ‘Den John’. John was een
klompenmaker uit Clinge die besloot zijn eigen paradijsje te creëren. Midden in de weel legde hij
eigenhandig een eilandje aan. Hier bouwde hij een hut van sloopafval en plaatste hij een
zelfgemaakte windmolen die stroom opwekte voor zijn radio. Het was een plek van rust, maar ook
van gezelligheid; samen met zijn vrienden werd er in de hut flink gekaart en een borreltje
gedronken.

Een laatste rustplaats
Hoewel John in 1969 overleed en oorspronkelijk in Clinge werd begraven, is zijn aanwezigheid hier
nog altijd voelbaar. Nadat zijn graf in Clinge werd geruimd, zorgde André
Smet – die de omgeving van de welen al decennia onderhoudt – ervoor dat de originele
grafsteen naar het eilandje werd verplaatst. Zo is de cirkel rond en rust ‘Den John’ symbolisch
weer op de plek waar hij het liefste was.

Vandaag de dag is het eilandje een sfeervol monumentje in de natuur, een herinnering aan een
eigenzinnige Zeeuwse levensgenieter.

Volgende punt: Vooral niet zwemmen hier
🎉

Gefeliciteerd!

Je hebt de interactieve wandeling voltooid. Hopelijk heb je genoten van de geschiedenis en de verhalen van ons mooie dorp!

Vertel het door!

Daag je vrienden en familie uit om de route ook te lopen en Clinge te ontdekken.

📘 Deel op Facebook
Uitvergrote foto
×